TR staat voor Triumph Roadster. Voor de liefhebbers is de TR6 de laatste echte Triumph. De TR1 tot en met de TR8 worden gebouwd van 1952 tot 1981.

IMG_4653

In 1902 begint Triumph, zoals zoveel automerken, met het produceren van motorfietsen. Een tak van het bedrijf die overigens nog steeds bestaat. Pas twee jaar na de koop van automaker Dawson in 1921 begint Triumph met de productie van nogal traditionele auto’s, die niet echt aanslaan. In 1925 komen er auto’s met moderne voorzieningen, de eerste Britse auto’s met Lockheed hydraulische remmen. Nieuw management treed aan in 1933, met aan het hoofd Luitenant-Kolonel Holbrook. Donald Healey doet de techniek en Walter Belgrove het design. Zij starten een reeks modellen met de Gloria Coventry Climax motoren met zowel 4 als 6 cilinders.

IMG_4668

Ondanks het feit dat het merk luxe en innovatieve auto’s bouwt (denk aan ruitensproeiers, verstelbaar stuurwiel, dubbele remcircuits en een automatisch smeersysteem), gaat het financieel niet echt geweldig. Verkopen zakken in, ondanks de ambitieuze sportauto die Healey heeft bedacht. De Dolomite, geïnspireerd op de Alfa Romeo 8C 2300. De auto heeft een supercharged 8-cilinder motor met dubbele nokkenassen en 140 pk. Een geweldige auto, die zich kan meten met de beste sportwagens uit die tijd, maar het mag niet baten. De prijs is te hoog voor de beoogde klanten.

 

banner breed cc films-1

IMG_4678

Triumph als automerk splitst af van de motorfietsdivisie en wordt in 1945 verkocht aan Sir John Black, directeur van Standard Motor. Sir John wil concurreren met Jaguar, aan wie hij sinds de jaren 30 auto’s verkoopt. De vroege naoorlogse modellen van Triumph zijn echter van een te klassieke schnitt voor de markt. Standard Triumph is zich inmiddels bewust van de booming markt voor open sportauto’s. Vooral in de VS profiteert concurrent MG daar al flink van. Doel wordt dus voor ongeveer dezelfde prijs een sportauto aan te bieden die beter presteert dan de MG en daarmee de markt te veroveren. Tijd voor de TR series.

 

Triumph TR6 copy

De TR1 uit 1951 wordt alleen als prototype gebouwd en heeft nog veel weg van z’n voorganger, de  Triumph 2000 Roadster. Dit project wordt van de tekentafel gehaald en de veel modernere en verbeterde TR2 wordt geboren. Met een topsnelheid van 90 MPH, 10 MPH sneller dan de MG, wordt de auto een groot succes. In 3 jaar tijd worden er 8000 van verkocht.  Van de verder verbeterde TR3 worden er tussen 1955-1957 bijna 17.000 verkocht en van de cosmetisch flink aangepaste en aantrekkelijkere TR3A worden er tussen 1958-1960 bijna 60.000 verkocht!

IMG_4656

De concurrentie zit ondertussen niet stil. MG heet de ‘A’ op de markt gebracht en Healey laat zich ook niet onbetuigd. Standard Triumph wendt zich tot een Italiaanse ontwerper om een moderner en comfortabeler body te ontwerpen. Michelotti kwijt zich heel verdienstelijk van deze taak en in 1961 kan de nieuwe TR4 aan het publiek worden gepresenteerd. Het model dat aan de basis staat van de auto van Dennis Walter. Met de karakteristieke bobbel op de motorkap, om ruimte te maken voor de 2 SU carburateurs. Ondertussen is Standard, op de rand van bankroet, opgegaan in Leyland Cars and Trucks. Leyland profiteert van het succes van dit model van de Triumph, waarvan tussen 1961 en 1967 bijna 70.000 stuks worden verkocht. In 1965 komt er een chassis met onafhankelijke wielophanging achter. De TR4A IRS is daarmee het laatste TR4 model.

IMG_4647

Ondertussen is de krachtbron nog steeds de aloude 4-cilinder Vanguard motor, die nota bene ook in de Ferguson tractor wordt gebruikt. Het is dus niet alleen Healey die deze praktijk bezigt. Er is behoefte aan meer paarden dan de 104 die nu beschikbaar zijn en vooral modernere paarden. Immers, in de VS is ook de Ford Mustang op de markt gekomen met 6 en 8 cilinder motoren. De oplossing wordt gevonden in het monteren van de 6-cilinder motor uit de Vanguard III, die met brandstofinjectie tot een vermogen van 150 echte Britse sportpaarden komt. Zoals Dennis al aangeeft: ‘daarmee kun je in het moderne verkeer prima meekomen, maar toen was het een van de snelste sportwagens in z’n klasse’. Het chassis van de TR4A wordt aangepast met gebruik van dezelfde body. De TR5 is geboren, als TR250 ook met carburateur leverbaar voor de VS. Een kleine 10.000 worden er verkocht, omdat de auto inmiddels wat gedateerd geworden is.

Triumph heeft een nieuw design nodig en gaat deze keer te rade bij Karmann in Duitsland, die het eerder ronde Michelotti ontwerp wat vierkanter maakt, met name aan de voor- en achterzijde. De 6-cilinder motor blijft en het model wordt TR 6 gedoopt. Met een top van 190 km/u en een acceleratie van 0–100 in een kleine 9 seconden is het een snelle sportwagen. Volgens menig Triumph enthousiast de laatste échte TR. Van het model, waarvan de auto in de film een van de eerste is, worden er tot 1976 94.000 gemaakt.
Robbert Moree