17727221142_444482e538_kDe Romeinse lucht vult zich met uitlaatgebrul, motorgehuil en, soms, remgepiep. De Mille Miglia is in aantocht. Bij de ingang van de Curva Nord van het Olympisch Stadion, de stempelplaats in Rome, staan enkele tientallen mensen te wachten op de aankomst van de bolides.

De eerste Bugatti’s, historische Alfa Romeo’s en Jaguars scheuren gehuld in dikke blauwe rookwolken voorbij. ‘Ik heb zelf twee keer meegereden met een moderne Ferrari’, zegt een man. ‘Maar je moet goed doortrappen om die oude dingen bij te houden. Hemel, wat zijn ze snel.’

17703457186_86eddd7470_kNa de korte stop in het Olympisch Stadion gaan de deelnemers richting het Castel St Angelo , op een paar honderd meter van het Sint Pierersplein. Een concours d’elegance, compleet met podium, spotlights en presentator, stelt elke deelnemer aan het publiek voor.

Sinds de Mille Miglia in 1982 weer nieuw leven werd ingeblazen is de Romeinse etappe een feestje. Duizenden mensen gaan de straat op om de historische auto’s te bewonderen, de auto’s die aan deze, recreatieve (hoewel het er regelmatig fanatiek aan toe gaat), Mille Miglia deelnemen moeten gebouwd zijn tussen 1927 en 1957, de periode dat de échte Mille Miglia werd verreden.

17730106031_9ef1b84f98_kDe tribunes trillen bij elke bijzondere bolide die het podium oprijdt. Een kort praatje met alle 430 teams en dan gaan de deelnemers weer verder, richting Sint Pietersplein en uiteindelijk een bed.

‘Het is vermoeiend,’ zegt de Portugese bijrijder José Costa Simoes, leunend uit het raampje van zijn Frazer-Nash Fast Tourer uit 1948. ‘Ik ben blij dat ik in Rome ben.’

De Belgische coureur Ivo Nijs wil eerst nog een drankje voordat hij zijn bed op zoekt, zoon William, achter het stuur van hun Riley Sprite ui 1937, denkt vooral aan het feit dat hij de dag erna alweer om vijf uur op moet. ‘We moeten ook nog terug.’ 

17727226132_830cfe4180_kDe Via della Conciliazione, de weg die vanaf de Tiber naar de Sint Pieter loopt, is het perfecte decor voor deze klassieke autoparade. Sommige deelnemers zijn hier voor het eerst en maken de verplichte selfie met de basiliek op de achtergrond.

Luc Declercq staart een beetje voor zich uit achter het stuur van zijn Giaur 750 S uit 1950. ‘Hoe ouder de auto, hoe zwaarder de reis. En dit is een oude auto en dus het is zwaar.’ Zijn vrouw Stefanie beaamt dat. ‘Ik ben behoorlijk moe.’

17109454143_65348809d1_kRoland de Boer is vooral tevreden. ‘Dit is het eerste ritje na de algehele restauratie en de auto heeft zich voorbeeldig gedragen.’ De auto is een lichtblauwe Alfa Romeo 6C 2500 Super Sport uit 1949 met Superleggera carrosserie. ‘Zo licht is hij niet hoor,’ zegt Tjeerd van den Berg. ‘Hij weegt zo’n 1600 kilo.’


Vooraan de rij klinkt de sirene van de Romeinse politie,
de karavaan moet verder. Van den Berg draait het contact om en de drie dubbele Webers vullen17543513389_6a541fb606_kzich met lucht en benzine. Rochelend komt de Alfa tot leven. Langzaam komt de colonne in beweging, brullend rollen de klassieke sportwagens voor de nog klassiekere basiliek langs richting het hotel. De toeschouwers blijven achter in een blauwe wolk. 

Nog 500 mijl te gaan.

Angelo van Schaik