IrrésistibleIrrésistibleJean Pierre Wimille, autocoureur, luchtmachtpiloot, verzetsheld en pionier, één van de helden uit Frankrijks recente historie. Een man met een onweerstaanbare missie.

In 1930 debuteert de dan pas 22-jarige Jean Pierre Wimille in de Grand Prix van Frankrijk. Aan het stuur van een Bugatti T37A legt hij de solide basis voor een race-carrière die bijna 2 decennia zal overspannen. Grand Prix overwinningen in Europa en ver daarbuiten, tweevoudig winnaar van de 24 uur van Le Mans, Jean Pierre Wimille is één van de groten. Met Bugatti voor de oorlog en in de fameuze Alfa Romeo 308 na de wereldbrand, is hij de held die de eer voor Frankrijk hoog weet te houden.

Het mag geen verrassing zijn dat een onbevreesd man als Wimille niet alleen in de cockpit van zijn racebolide tot zijn recht komt. Zijn carrière als luchtmachtpiloot is geen lang leven beschoren, wanneer Frankrijk in 1940 capituleert voor de Duitse agressor. Wimille en zijn kompanen verleggen hun werkterrein naar de ondergrondse. Smokkelen wapens en informatie voor het verzet en de geallieerden. Als bij wonder weet Jean Pierre Wimille als enige aan een inval van de Gestapo te ontsnappen. Verscholen langs de waterkant ziet hij hoe zijn medestrijders worden afgevoerd. Zij zullen de oorlog niet overleven.

Irrésistible

IrrésistibleBij daglicht werken Wimille en de zijnen aan de ontwikkeling van de toekomst. In 1942 wordt een werkend prototype voor een elektrische auto onthuld. Een gebrek aan grondstoffen laat het veelbelovende project snel uitdoven. Wimille droomt verder, begint aan zijn auto van de toekomst. Licht, gestroomlijnd en snel. Een eerste prototype laat precies zien waar hij naartoe wil. Motor centraal, ruimte voor twee passagiers aan weerszijden van de eveneens in het midden gesitueerde chauffeur, een lichtgewicht buizenframe met een druppelvormige carrosserie die een Cw-waarde van slechts 0,23 laat optekenen en een panoramische voorruit die op dat moment geen gelijke kent in de wereld. Enige gelijkenis met de opzet van een Formule 1 auto is niet geheel toevallig. Op het Salon de l’Automobile van 1946 gooit het door Chapron gebouwde prototype hoge ogen bij pers en publiek. Het na-oorlogse Parijs is wel toe aan een nieuwe toekomst.

Ford Frankrijk ziet wel graten in het modernistische project van Wimille en biedt hem een aantrekkelijk samenwerkingsverband. Ford richt speciaal voor Wimille de afdeling ‘Voitures Spéciales’ op, waar een tweede prototype wordt gecreëerd, ditmaal met de V8 uit de Ford Vedette, een wielophanging die eveneens uit de rekken van Ford Frankrijk komt en een elektrisch bediende versnellingsbak van de Firma Cotal. De jonge stylist Philippe Charbonneaux hertekend het oorspronkelijke ontwerp van Wimille en carrossier Faget-Farnet krijgt opdracht de nieuwe Wimille GT te bouwen. Dan slaat het noodlot toe, aan het stuur van een Simca-Gordini crasht Jean Pierre Wimille tijdens de training van de Grand Prix van Argentinië. Hij zal het ziekenhuis niet levend bereiken.

Irrésistible

Irrésistible

IrrésistibleHet abrupte einde aan het leven en de dromen van Wimille zijn ook de doodsteek voor zijn auto van de toekomst. Er komt een derde prototype, maar Ford Frankrijk is niet opgezet met het uiterlijk met de ene centrale koplamp. De cycloop valt ook niet in de smaak van het publiek. Er komt een herziene versie met een conventioneler uiterlijk. Zonder de bezieling van Wimille is de geest uit de fles. In juni 1949 trekt Ford Frankrijk zich op last van Detroit terug uit het project. De prototypes worden overgedragen aan het team van Wimille. Het verhaal is uit.

Irrésistible

Irrésistible

IrrésistibleVandaag, bijna zeventig jaar na het einde van de droom, zijn drie van de vier prototypes nog steeds bekend. Nummer 1 werd in de jaren zeventig van de schroothoop gered door Philippe Charbonneaux en bevindt zich momenteel in het Musée de Reims. Nummer 2 maakt al sinds de jaren zestig deel uit van het Musée de Malartre in Lyon en is maar zelden te zien. Nummer 3, de cycloop, is gecrasht tijdens een testrit en geëindigd bij het oud ijzer. Nummer 4 is lange tijd in dagelijks gebruik geweest van Francois Wimille, zoon van Jean Pierre en is via Philippe Charbonneaux in het Musée de Reims terecht gekomen. Momenteel maakt Nummer 4 deel uit van de collectie van het Cité de l’Automobile in Mulhouse. Bezoekers van de recente Rétromobile beurs in Parijs is wellicht de unieke reünie van de drie overgebleven prototypes van de Wimille GT opgevallen. Onderdeel van het ultieme eerbetoon aan de loopbaan van een bijzonder onweerstaanbaar man, Jean Pierre Wimille.
Marc GF Zaan

Irrésistible