Aan het einde van de swinging sixties presenteert Iso de GT van de toekomst. Deel zeven van The Iso Rivolta Chronicles; Lele, the last GT before the oil crisis.

Iso Rivolta was een pionier in de Italiaanse auto-industrie uit de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Het was een familiebedrijf geleid door ingenieur Renzo Rivolta, die aan het einde van de jaren veertig besliste om de productie van koelinstallaties te verruilen voor de ontwikkeling van motorfietsen. Hij kreeg geen ongelijk, in de vijftiger jaren kende de Italiaanse motorfietsindustrie een enorme boom. Geleid door Piaggio’s Vespa, Innocenti’s Lambretta en natuurlijk de producten van Iso Moto. Van lieverlee werden er ook automobielen ontwikkeld. Van stadsautootjes als de Isetta bubble car tot luxueuze sportwagens met krachtige Amerikaanse V8 motoren.

Na de voortijdige dood van zijn vader staat Piero Rivolta voor de ondankbare opdracht een geschikte opvolger voor de succesvolle GT300 te ontwikkelen. Er is geen geld om de pagina om te slaan en van nul te beginnen, maar dankzij de genereuze aanbetaling van een rijke klant kunnen er een nieuwe body en interieur worden gecreëerd rond het vertrouwde GT300 platform. Bertone schuift ditmaal Marcello Gandini naar voren als chief designer voor het project. Zijn werk resulteert in een ontwerp dat breekt met de gangbare lijnen van het merk, het is werkelijk een auto voor het volgende decennium. De Lele ademt seventies nog voor ze echt begonnen zijn.

In 1969 wordt de Lele gepresenteerd aan het publiek. De prijsstelling is gunstig en de prestaties zoals altijd bovenmodaal. In eerste instantie met de bekende Chevrolet 327 motoren, vanaf het tweede bouwjaar met de Chevy 350 die vooral meer koppel levert. Iso profiteert van de motorwissel door de Lele een kleine cosmetische make-over te geven. In 1972 krijgt ook de Lele een Ford Cleveland motor onder de kap. Iso’s droomt van de Formule Eén en sluit een contract met Philip Morris, hetgeen resulteert in de Iso Rivolta Lele IR6 Marlboro. Bedoelt voor het circuit weegt de uitgeklede Lele zomaar 230 kg minder dan het origineel.

Helaas zal de Lele het laatste model zijn dat door Iso Rivolta wordt ontwikkeld. De oliecrisis en de dreiging van extreem linkse terreur laten het laatste restje marktaandeel van Iso verdampen. Zelfs het binnenhalen van een externe partner biedt geen soelaas. Als beursgenoteerd bedrijf wordt Iso Rivolta in korte tijd steeds verder uitgehold. Om de winstmarges op de auto’s te vergroten zelfs letterlijk. In 1974 sluit Iso Rivolta definitief de deuren. De droom is voorbij.

The Iso Rivolta Chronicles is de eerste serie geproduceerd door CineCars’ Italiaanse tegenhanger An Italian Garage. Zij zijn een onafhankelijk productiebedrijf gespecialiseerd in automotive video en richten zich op reeksen over legendarische merken. Deze zomer brengt CineCars u de volledige Iso Rivolta Chronicles in HD. Blijf ons volgen voor meer klassieke Italiaanse hoogstandjes.
Marc GF Zaan