19326806842_c6e96a169f_kBegin mei van dit jaar vingen drie gelijkgestemde geesten een epische road trip aan naar de roots van Bugatti, les pur sang d’automobiles (et du rail). Reisgenoten Marc Vorgers en Mattijs Diepraam hebben reeds lang hun sporen in de klassieke autowereld verdiend en beschikten sowieso over het juiste Octaangehalte in het bloed om er een gedenkwaardige reis van te maken. De trip met de klassieke Rover P6 van Marc voerde van Molsheim naar Mulhouse en tenslotte naar de tweejaarlijkse Revival op Montlhéry. Deze minibedevaart, al snel MMM gedoopt, bood een fantastische gelegenheid om een flink aantal lieux des mémoires van Bugatti aan te doen. In een aantal delen wil ik jullie graag deelgenoot maken van mijn fascinatie voor Bugatti en de ondernomen roadtrip. Aangezien er al hele volksstammen autojournalisten los zijn gegaan op het onderwerp en er gewoonweg zo veel te vertellen is, heb ik me beperkt tot de laatste jaren van het zelfstandige bestaan van het automerk Bugatti: oftewel De lange zwanenzang van Bugatti.

Deel III Molsheim vandaag de dag
19337281571_3002ecb4a1_kNa de inlijving van Bugatti door Hispano Suiza, duurde het niet lang voordat dit bedrijf op zijn beurt werd overgenomen door Messier. Tegenwoordig heet het bedrijf dan ook Messier-Bugatti-Dowty en is het onderdeel van het conglomeraat Safran. In de Safran vestiging in Molsheim –in casu de oude Bugatti fabriek- worden tegenwoordig landingsgestellen gemaakt.

Het moderne Bugatti dat is herrezen onder de vlag van Volkswagen ligt op een steenworp afstand aan dezelfde kant van de Rue de la Commanderie. Overigens net buiten Molsheim, in Dorlisheim om precies te zijn.

19145690330_47086d60e7_k

Aan het begin van deze straat zie je ten eerste de Hostellerie du Pur Sang, de kleine herberg die Ettore speciaal liet bouwen voor zijn gasten en waar tegenwoordig de locale Elzasser Bugatticlub vergadert en waar kleindochter Caroline Bugatti regelmatig haar gezicht laat zien. Daarnaast staat het moderne hotel le Bugatti waar tegen Bugatti-onwaardige prijzen prima overnacht kan worden tussen de oude foto’s van Molsheim’s beroemdste inwoner.

Tussen het hotel en de huidige Safran (Messier-Bugatti)-fabriek staat een originele 4-asssige Bugatti Autorail bogie (onderstel) om de voorbijganger er aan te herinneren dat er in Molsheim niet alleen fraaie auto’s werden gecreëerd, maar ook ‘pur sang’ treinen het levenslicht zagen. Als je langs de Messier-Bugatti hallen loopt, kun je je nog goed indenken hoe de fabriek er uit moet hebben gezien. Als je de huidige aanblik vergelijkt met oude foto’s van het fabrieksterrein, is er op het eerste oog niet eens zoveel veranderd!

19147183319_6f8f4d4de1_k

Wat uiteraard wel anders is, is dat de Bugatti familie nu zelf niet meer in de villa naast de fabriek woont. Tegenwoordig is er nu de vakbond gevestigd; de ironie van de geschiedenis zeg maar. Achter de villa is ook nog net de duiventil te ontwaren op het binnenplein. Niet dat het Ettore een enthousiaste duivenmelker was overigens. De duiventil was een dekmantel voor de daaronder verstopte, illegale, likeurstokerij. Ettore plachte zijn gewaardeerde clientèle deze eigenhandig gestookte Mirabelle –pruimenlikeur- aan te bieden bij hun bezoek aan de fabriek of deelname aan de door hem georganiseerde jachtpartijen. De belasting op sterke drank was Ettore Bugatti echter dermate een doorn in het oog, dat hij voor deze welhaast kwajongensachtige aanpak koos.

Even verderop is het moderne Bugatti S.A.S. te ontwaren. Het is duidelijk dat Volkswagen hier niet over één nacht ijs is gegaan. Rondom het magnifiek gerestaureerde –maar helaas publiek ontoegankelijke- chateau St. Jean zijn er ook een aantal gereconstrueerde paardenstallen en de wintertuin in een grote glazen kas te zien, die rond WOI de Bugatti fabriek vormden. Helaas zijn de originele en kenmerkende massief eikendeuren met koperbeslag hier alleen niet meer te vinden. Tenslotte is aan het einde van de weg de huidige fabriek te vinden, waar de almachtige Veyron in al zijn 450 gedaanten tot voor kort gebouwd werd. Inmiddels is bekend dat men hard aan het werk is met de ontwikkeling van de Chiron. Deze zou naar verluid, met wat elektronische hulp, niet minder dan 1500 pk produceren).

19145681760_8e1f0d8cb0_k

De Schlumpf collectie met Pat Garnier

Een hoogtepunt in onze Bugatti trail was het bijzondere bezoek aan de Schlumpf collectie. Daar werden we hartelijk ontvangen door de heer Pat Garnier. Hij is de oud directeur van het absolute begin van het museum in 1982 tot aan 2001. Tegenwoordig is hij overigens Elzasser wijnboer. Tijdens een vier-en-half uur durende (we hadden eigenlijk een afspraak voor een uur-lang leve de pensionado’s!) rondleiding werden we ingewijd in de wereld van de Franse textiel baronnen -de gebroeders Schlumpf-, de liefde voor hun moeder, de ambitie om alle Bugatti’s ter wereld te bezitten en de huidige status van de collectie en rol die het museum nu heeft: “niet alleen een statische collectie, maar ook educatie en preservatie”.

Pat Garnier zit vol anekdotes en vertelt bijvoorbeeld dat Schlumpf de Bugatti-fabriek in Molsheim wel wilde kopen in de vroege jaren zestig. Schlumpf liet er namelijk al zijn restauratie- en onderhoudswerk al uitvoeren. De verkoop is uiteindelijk nooit doorgegaan. Ook is de Type 41 Royale ‘Esders’ (de grote groene cabriolet in het museum) ontstaan omdat de Bugatti fabriek geen ‘nieuwe’ Royale meer voor Schlumpf wilde bouwen in de jaren vijftig en Schlumpf daarom zelf maar aan de slag is gegaan met de reserve onderdelen die hij in zijn bezit had.

Ook wil de overlevering dat Schlumpf aan Hugh Conway (de Britse Bugatti-paus en mede-oprichter van de Britse Bugatti Trust) een overzicht –het Bugatti register- had gevraagd met alle Bugatti eigenaren om hen te kunnen benaderen met een aanbod om hun ‘Bug’ over te nemen. Niet iedereen was daarvan gediend en al snel volgde een tegenbeweging waarin eigenaren die hun auto te koop aanboden, in de advertentie opnamen dat de auto niet aan Schlumpf verkocht zou worden. Nu was Schlumpf niet voor één gat te vangen en gaf alle bekende exclusieve autohandelaren én zijn textielvertegenwoordigers in het buitenland de opdracht om voor hem auto’s te gaan inkopen en stelde ze daarbij 10% commissie in het vooruitzicht. U begrijpt dat de prijzen ineens hard bleken te stijgen en de hallen in Mulhouse snel voller raakten.

19307226166_be272912bb_k

Daarnaast heeft het museum medio april van dit jaar een belangrijke slag weten te slaan bij een veiling van een deel van de nalatenschap van de Schlumpfs. De Franse staat heeft uiteindelijk op de eerste veilingdag een beslag op de veiling laten leggen en het Cité de l’Automobile – collection Schlumpf (zoals het museum nu officieel heet) het eerste kooprecht verschaft. Dit bood het museum de kans om alle waardevolle en unieke documentatie aan te schaffen uit de zogenaamde Malmerspach collectie. Het gaat daarbij met name om de officiële rekeningen, folders en originele autopapieren (in het Frans bekende als ‘grijze documenten’). Die ontbraken al die jaren in het museum en is daarom ook zeer verheugd dit nu compleet te hebben zodat de historie van de afzonderlijke auto’s bestudeerd kan worden.

De rondleiding eindigde, zoals dat deze dag betaamde, in een drievuldige apotheose in de gedaante van de laatste ‘productie’ Bugatti: het Type 101. Het verhaal van deze auto werd eerder in deel II van deze reeks uit de doeken gedaan. Op een van de foto’s is tenslotte te zien hoe Pat Garnier een Bugatti Laissez Passer bekijkt die ondergetekende ter beoordeling had meegebracht. De heer Garnier had dit niet eerder gezien maar het leek hem het meest aannemelijk dat het een soort verlofbriefje is. Deze werden uitgereikt aan werknemers van Bugatti als ze een boodschap buiten de fabriek gingen doen.

Vive la marque!

Bastiaan van den Berg