Op zondag 18 december werd voor de zevende keer de 100 Mijl van Amsterdam verreden. De eerste nachtrally voor vooroorlogse automobielen hier in de lage landen.

Je hebt bikkels en je hebt echte bikkels. Echte bikkels rijden half december, wanneer het bijna kerst is, van Haarlem via Amsterdam naar Oud Zuilen bij Utrecht. De 100 mijl van Amsterdam is een winterse nachtrally, dat wil zeggen duisternis, kou en glibberige weggetjes. En dat doen die echte bikkels niet in luxe auto’s maar in echte vooroorlogse oldtimers. Martin Philippo ging voor ons poolshoogte nemen.

We gaan de rit niet meemaken. We kijken alleen op de Grote Markt in Haarlem, waar de stoet verzamelt en waar de wagens een technische inspectie ondergaan. Het rijden van honderd mijl is immers geen sinecure in een hoogbejaarde automobiel. Onder het wakend oog van Laurens Janszoon Coster, van wie de Nederlanders zeggen dat hij de boekdrukkunst heeft uitgevonden, stroomt het centrale plein van de provinciehoofdstad langzaam vol. Uit de smalle straatjes klinken luide knallen en het winkelend publiek stroomt toe om niets te missen. Ruim vijftig auto’s vinden een plaatsje op de Grote markt.

De meeste deelnemers komen uit Nederland, maar we zien ook een enkele Brit en een Duitse auto. Er is zelfs een delegatie uit Ierland, die onze speciale aandacht heeft, omdat mijn echtgenote ook uit dat land afkomstig is. Een gesprek met de berijders is snel aangeknoopt. Zo zijn Ieren, die zitten niet om een praatje verlegen. Zo heb je bijvoorbeeld Andrew en Philippa met hun Triumph Dolomite uit 1938. Ze hebben hun auto nog niet zo lang en doen regelmatig dit soort ritten. De meeste in Ierland zelf, maar ook in Groot Brittannië. Een Ierse vlag wordt trots achter op de auto gestoken. We lopen ook Diarmaid en Andrew Boland tegen het lijf. Beiden zijn naar Nederland gekomen met hun Talbots.

Omdat het accent van de broers akelig bekend klinkt vragen we waar ze precies vandaan komen. New Ross? Maar dan zijn jullie van de Ford garage op de weg naar Waterford! Mijn echtgenote komt uit hetzelfde New Ross en de wereld blijkt maar weer eens ontzettend klein te zijn. Ook de Boland broers doen vaak aan rondritten mee. Er werd zelfs een poging ondernomen om Parijs–Peking te doen, maar die moest helaas halverwege onderbroken worden vanwege technische problemen. Omdat de 100 Mijl dit jaar wel heel erg dicht bij de Kerst zit, zijn alle Ierse auto’s maar op een transporter gezet en zo naar Nederland gebracht. Andere jaren, zo wordt ons toevertrouwd, gaan we wel het hele eind met de oldtimer. Een hele rit, het avontuur wordt beslist niet geschuwd.

We laten onze nieuwe Ierse vrienden maar verder gaan met hun voorbereidingen. Startnummers worden op de zijkanten geplakt en rallyschilden op de bumpers bevestigd. De 100 Miles of Amsterdam is dan ook echt een serieuze rally met checkpoints op onverwachte plekken en een wedstrijdelement. De auto’s zijn al in goede conditie gebracht, de inwendige mens wordt straks nog verzorgd en daarna zal het gezelschap de donkere avond inrijden, om uiteindelijk rond middernacht op de eindbestemming aan te komen.  De chauffeurs en hun navigatoren gaan een koude, maar boeiende rit tegemoet. Echt warm is het immers niet in zo’n open vooroorlogs voertuig. Maar een echte bikkel kan dat wel hebben!
Martin Philippo