Van koelkasten naar supercars, Iso Rivolta heeft vele wateren doorzwommen. Vandaag presenteert CineCars deel twee van The Iso Rivolta Chronicles; Competing with Vespa.

Iso Rivolta was een pionier in de Italiaanse auto-industrie uit de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Het was een familiebedrijf geleid door ingenieur Renzo Rivolta, die aan het einde van de jaren veertig besliste om de productie van koelinstallaties te verruilen voor de ontwikkeling van motorfietsen. Hij kreeg geen ongelijk, in de vijftiger jaren kende de Italiaanse motorfietsindustrie een enorme boom. Geleid door Piaggio’s Vespa, Innocenti’s Lambretta en natuurlijk de producten van Iso Moto. Van lieverlee werden er ook automobielen ontwikkeld. Van stadsautootjes als de Isetta bubble car tot luxueuze sportwagens met krachtige Amerikaanse V8 motoren.

De Furetto is de eerste stap in de transformatie van Iso Rivolta. Renzo Rivolta begrijpt dat het Italiaanse publiek hunkert naar goedkope manieren om snel van A naar B te kunnen reizen. Hij besluit zich te concentreren op een lichte scooter zonder de productie van koel- en verwarmingsinstallaties te verminderen. Die eerste scooter, hoewel comfortabel en veilig, is geen groot succes. De prestaties van de Furetto zijn simpelweg te bescheiden. De tweede generatie scooters wordt ontwikkeld door Ing. Speluzzi van Politecnico. Samen met Ing. Scarpa creëert hij een uniek motorconcept, waarbij één cilinder twee zuigers onderbrengt. De cilinderinhoud is 125 cc, met een boring van 2 maal 2x38mm en een slag van 55mm. Het ingenieuze concept levert zomaar 6,7 pk bij 5200 toeren per minuut.

De nieuwe motor wordt voor het eerst gebruikt in de Iso 125 die in 1949 op de markt komt. Al snel wordt de nieuweling omgedoopt in Iso Scooter, om in 1950 vergezeld te worden door de Iso Moto, een lichtgewicht versie van de Iso Scooter zonder de gestroomlijnde kenmerken die een scooter karakteriseren. Het grote succes van deze modellen zet het bedrijf er toe aan om snel met nieuwe versies van de Iso Moto te komen, de Iso GT en de Iso Sport. Beiden met dezelfde 125cc motor, maar met grotere wielen. Er wordt zelfs een heavy duty driewielige versie van de scooter geproduceerd, de Iso Carro. In 1952 wordt de Iso 200 gepresenteerd. Hetzelfde split-cylinder motor-ontwerp, maar nu met een inhoud van 198cc. De Iso 200 schopt het tot 9pk bij 4750 toeren per minuut.

Hoewel duur en complexer van opzet weet Iso met de Iso Scooter en Iso Moto toch een behoorlijk marktaandeel af te snoepen van de concurrentie. De betrouwbaarheid van de bijzondere techniek is daar voor een groot deel debet aan. De productie van kleine motorfietsen en scooters bij Iso gaat door tot 1962, met de Iso F/150 als laatste model. In de tussentijd ondergaat de firma opnieuw een metamorfose, ditmaal in de richting van serieuze sportwagenfabrikant.

The Iso Rivolta Chronicles is de eerste serie geproduceerd door CineCars’ Italiaanse tegenhanger An Italian Garage. Zij zijn een onafhankelijk productiebedrijf gespecialiseerd in automotive video en richten zich op reeksen over legendarische merken. Deze zomer brengt CineCars u de volledige Iso Rivolta Chronicles in HD. Blijf ons volgen voor meer klassieke Italiaanse hoogstandjes.
Marc GF Zaan