CineCars breidt zich wereldwijd uit als de spreekwoordelijke olievlek. David MacLennan brengt verslag ‘from down under’. Dit is het Sydney Classic Speed Festival!

In de week voorafgaand aan het Sydney Classic Speed Festival ging het weerbericht van slecht naar ronduit verschrikkelijk, met op de koop toe een stormwaarschuwing voor de dag zelf. Gelukkig kwam mijn eigen voorspelling van zeiknatte kleren en verregende foto’s niet uit, aangezien het het hele weekend bij de dreiging van regen bleef. Sydney Motorsport Park, voorheen Eastern Creek Raceway, is de plaats waar deze viering van historisch autoracen plaats vindt. Geafficheerd als het eerste evenement in deze categorie in Sydney. Het ontbreken van in grote getale opgekomen publiek maakt pijnlijk duidelijk dat het evenement nog in de kinderschoenen staat, maar zij die de moeite genomen hebben om naar Sydney af te zakken worden verwend met een intiemer en toegankelijkere ervaring. Overal vind je geweldige auto’s en de eigenaren en coureurs geven maar wat graag tekst en uitleg.

De headliner van de affiche is de machtige Formula 5000 uit de jaren zestig en zeventig. Deze auto’s zijn grotendeels gelijk aan de Formule 1 uit die dagen, maar dan met een grotere 5000cc V8 motor en bijpassende vleugels en banden. Ze waren ook een pak sneller. Het geluid van de niet gedempte uitlaten is werkelijk onvoorstelbaar. Het achttien auto’s tellende veld omvat de nodige bekende namen, zoals March, Lola, Elfin en zelfs McLaren. Mike Glynn, die een meer dan perfecte Elfin MR8-BC uit 1977 aan de start brengt, geeft aan dat zijn auto voorheen gereden is door verscheidene bekende coureurs. Niet alleen in Australië, maar ook internationaal. En inderdaad, een van deze piloten was James Hunt, wiens naam nog steeds op de cockpit staat. Het is Mike’s eerste grote race in de auto die hij toch al zo’n tien jaar bezit. Het is een voorrecht om te zien hoe de auto weer ouderwets over het circuit wordt gejaagd.

Gedurende het hele twee dagen durende festival zien we in totaal acht categorieën voorbij komen, waaronder Group S (productiewagens) en Group N (pre 1972). Mustangs en Corvettes zijn de te kloppen auto’s hier. En man, wat klinken ze geweldig. Mark 1 Escortjes en Cortina’s zowel als een enkele Alfa Giulia en zelfs een Chevrolet Corvair met de motor achterin weten de veel grotere Amerikanen het vuur aan de schenen te leggen. Ze zorgen daarmee voor de nodige variatie in hun categorie. Group C & A Touring auto’s uit de jaren zeventig, tachtig en negentig hebben een speciaal plaatsje in mijn hart, simpelweg omdat ik ze me herinner van de Bathurst 6-uurs race die ik als jongeling met mijn vader bezocht. Om de machtige Sierra Cosworth’s, E30 M3’s en VL Walkinshaw Commodores opnieuw in actie te zien, al is het maar eventjes, voelt als thuiskomen. Ik moet Adrian Allisey en zijn VL Walkinshaw wel vermelden, the auto ziet er precies zo uit als ik hem heb zien racen in 1992.

Precies zoals het natte circuit er voor zorgt dat de coureurs net iets langzamer en bedachtzamer hun rondjes draaien, is de algemene sfeer op het festival lekker laid back. De bezoekers struinen op hun gemakje rond de indrukwekkende racewagens die her en der staan opgesteld, wellicht mijmerend over de tijdens dat ze net als ik deze racewagens over het circuit zagen denderen. Terugdenkend aan een tijd waarin we allemaal wat minder zorgen hadden om ons druk over te maken. De gejaagdheid van het moderne racen heeft zo zijn eigen adrenaline rush, maar de fascinatie van een festival als dit zit hem in de mogelijkheid om terug te dromen naar een tijd waarin pure snelheid niet zo overheersend was als tegenwoordig. Begrijp me niet verkeerd, een Formula 5000 auto is verre van langzaam, maar ze zijn ‘langzaam’ genoeg om ze goed te bekijken, horen en zelfs ruiken wanneer ze voorbij komen donderen. Geen wonder dat ze zowel gevreesd als geliefd waren bij de coureurs destijds. Het Sydney Classic Speed Festival, wat mij betreft is het een blijver!
David MacLennan