All in the Family
All in the FamilyPre-war automobielen behoren inmiddels tot de generatie der overlevenden. CineCars gaat op bezoek bij de helden die de overlevering voor ons in stand houden. Voor ons en de volgende generaties.

Met wapperende haren laveren we door de koude winterwind. Tranen in de ogen door de geringe bescherming die de Brooklands-achtige ruitjes bieden. Met bulderend motorkabaal stuurt Jeroen Hoep de vooroorlogse Alvis over de Zeeuwse polderwegen. Zo ervaar je het ware autorijden, zonder enig comfort, maar met een ongelofelijk direct contact met voertuig en weg. Jeroen is een man met passie voor automobielen, een hartstocht die hij ook heel graag wil delen. Dat doet hij wanneer hij met de auto naar een evenement gaat, dat doet hij wanneer hij een middag met de CineCars reporter doorbrengt, maar dat doet hij vooral met zijn gezin. Iedereen in het gezin Hoep ademt benzine, benzine met een hoog octaangehalte.

All in the Family

All in the FamilyWij komen de mannen Hoep voor het eerst tegen bij de start van De 100 Mijl Van Amsterdam. Op de flank van de Alvis de namen van de equipe: Senior en Junior. Senior stuurt, Junior navigeert. Vader en zoon samen op pad, mooier kan toch eigenlijk niet? Later geeft Junior wel toe dat het navigeren door de nacht ‘hartstikke leuk’, maar toch ook wel ‘een beetje lastig’ was. Sr. en Jr. zijn niet de enige petrolheads in de familie, ook broer Dennis, zus Patricia en moeder Monique zijn gek op de auto’s van het gezin. Sleutelen is dan niet de grootste hobby, er in rijden is dat wel. Dat rijden gebeurt hier in Nederland, zoals de sprints op Het Loo en veteranenraces op Zandvoort, maar ook internationaal op de Via Flaminia in Italië.

All in the Family

All in the FamilyDe Alvis die zo’n belangrijke plaats inneemt in dit verhaal, is een 12/70 Sport ‘Greyman’ uit 1937, gebouwd op een geheel gerestaureerd chassis. De carrosserie is gebouwd aan de hand van originele tekeningen uit de jaren 30 en de viercilinder lijnmotor is volledig gereviseerd en hier en daar wat aangepast om ook in het huidige verkeer goed mee te kunnen. Dat laatste is ook wel noodzakelijk, want deze Alvis is géén ‘trailerqueen’. De Hoeps rijden de auto doodgewoon over de weg naar ieder te bezoeken evenement. Zo beleven ze het rijden in een pre-war op z’n best. De topsnelheid van 120 km/u wordt tijdens die ritten vast wel gehaald, maar de oude techniek wordt zeer gerespecteerd. Eerst rustig warm laten draaien op de dijk, pas daarna mag het gas echt open.

All in the Family

All in the FamilyOp de zijkant van Jeroens’ auto’s staat steevast zijn naam én die van de bijrijder, zoals ook op de Alvis te zien is. Slechts één exemplaar in de verzameling is niet voorzien van zijn naam. ‘Binnenkort mag ik weer het penseel ter hand nemen’, vertelt Senior met een warme glimlach op het gezicht. Dat ene exemplaar is een trapautootje en op de zijkant is onder de naam Lucas, de zoon van dochter Patricia, alvast ruimte gereserveerd voor de jongste telg van de Hoepen. Zoon Dennis verwacht binnenkort ook zijn eerste kind. Drie generaties Hoep die genieten van autorijden op zijn puurst. De ‘jongens’ Hoep werden zelf ook al vroeg op de auto’s gezet, Jeroen junior had pas drie maanden zijn rijbewijs toen hij in de Alvis werd gezet om zijn eerste rondjes te rijden. ‘Je moet de jeugd snel vertrouwd maken met de oude techniek’, aldus Senior. ‘De wereld van klassieke auto’s, en dan die van de pre-wars in het bijzonder, heeft nieuw bloed nodig, anders sterft het uit. Er moet een nieuwe generatie liefhebbers opstaan, die de zorg over de veteraan-automobielen op zich neemt.’ Het gezin Hoep doet daar in elk geval haar uiterste best voor.
Martin Philippo